Conische koffiekan op voetring, wijde mondrand. Hoog, conisch deksel met overstekende rand en puntige knop. S-vormige tuit en, haaks daarop geplaatst, een C-vormig handvat. Zogenaamd Batavia Bruin, bedekt met onderglazuur donkerbruin. Versierd in roze, wit, turkoise en geel email op het glazuur met pioentakken en een kleine chrysanttak in de twee grote, afhangende bladvormige vakken op de buik en de twee kleinere op het deksel. Koffie werd sinds het eind van de 17e eeuw veel gedronken in Nederland, zowel thuis als in koffiehuizen. De bonen kwamen voornamelijk uit Jemen, pas later uit Java. Net als voor thee was er porseleinen drinkgerei nodig, waarbij de koffiekan het voornaamste stuk vormde. De vorm van deze kan gaat terug op laat-17e eeuwse conische koperen en tinnen kannen. Het haaks geplaatste handvat komt veel voor bij dit type en veel minder bij de buikige koffiekan (nr. 97{}). Interessant is dat de VOC in 1766 orders gaf dat het handvat van conische potten in het verlengde van de tuit geplaatst moest worden (Jörg). Zie voor Batavia Bruin het commentaar bij nr. 82{}.
Meer informatie
Koffiekan
18e eeuw
Collectie
Jan Menze van Diepen Stichting
Beschrijving
Details
Datering
18e eeuw
Materiaal/techniek
gebakken
keramiek
Inventarisnummer
JMD-P-2653
Objectsoort