Hoge, komvormige glazenkoeler op sterk spreidende voet. Opstaande wand, de rand is diep geschulpt in acht aparte lotusbladvormige delen. Versierd in emailkleuren van het famille verte type. Op de wand acht panelen op een ondergrond van geometrische motieven met hele en halve rozetten. In de panelen twee maal een bloeiende plant bij een rots met vlinders en vogels, een leeuwin met jong in een landschap, diverse antiquiteiten, en een lange lijs in een tuinlandschap staande bij een tafel. Op de voet een raatvormig patroon onderbroken door vier panelen met een bloemtak. Aan de binnenzijde van de rand op de lotusbladen een halve rozet en bladmotieven op een groen gespikkelde ondergrond, daaronder rondom losse motieven van een afhangende bloem en ranken. Binnenin op de bodem een mand rijk gevuld met bloemen.
Glazenkoeler
China, circa 1700
Hoogte 23.5 cm, diameter rand 30,5 cm, diameter voetring 21 cm
Groninger Museum, Groningen
inv. nr. NAP 30
Deze koeler is een van de topstukken uit de collectie van het Groninger Museum. Het is een goed geschilderd, fors stuk waarvan de vorm is ontleend aan een Westers voorbeeld, waarschijnlijk van aardewerk of tin. De versiering is daarentegen niet Westers, maar geheel in Chinese trant. Als luxe voorwerp was dit type glazenkoeler iets nieuws. De oorsprong ligt waarschijnlijk in Engeland, waar monteiths van zilver omstreeks 1680 voor het eerst verschenen. Al snel werden ze ook in minder kostbare materialen uitgevoerd, onder andere in Delfts aardewerk. Een glazenkoeler werd met ijs gevuld en de wijnglazen werden er met de kelk naar beneden in gehangen, waarbij de platte schijfvoet bleef haken achter de karakteristieke rand met de diepe inhammen. Ook voor de fles wijn was plaats. Deze Chinese imitatie valt in de categorie chine de commande, porselein op bestellen voor de export vervaardigd naar een aangeleverd Europees model. Vaak is bij chine de commande niet alleen de vorm, maar ook de versiering in Westerse stijl. Dergelijke kostbare glazenkoelers in famille verte emailkleuren versierd zijn uiterst zeldzaam; wereldwijd zijn er slechts enkele exemplaren van bekend.
Ref.: D. Howard & J. Ayers, China for the West, London/New York 1978, vol. 1, no. 92