Driehoekig zoutvat op drie bolpootjes. Onder en boven een brede, uitstekende plint. Op elke hoek een halfronde pilastervormige verdikking. Op de bovenzijde eveneens drie bollen, het middenstuk halfbolvormig verdiept. Ook de bodem heeft een dergelijke uitholling. Versierd in onderglazuur blauw. Op een zijde twee figuren in een landschap, op de twee andere zijden een zittende figuur bij een hekwerk in een landschap. Op de plinten bloemranken, op het bovenstuk lotusranken, op de pilasters bloemtakjes.

Zoutvat
China, 1635-1640
Groninger Museum, Groningen
Inv. nr. 1988-41
Dit stuk behoort tot het Overgangsporselein, een term waarmee men porselein aanduidt dat tussen circa 1620 en 1680 geproduceerd werd, dus tussen het eind van de Ming-dynastie (1368-1644) en de opbloei van de Qing-dynastie (1644-1912). Door het grotendeels wegvallen van keizerlijke opdrachten en de politieke onrust in China waren de pottenbakkers gedwongen nieuwe markten te verkennen en hun productie aan te passen aan de eisen van de afnemers. De stijl van de Chinese versieringen werd duidelijk vrijer en individueler. Prachtig geschilderde figurale scènes, ontleend aan thema's in romans en toneelstukken, vullen vaak het gehele oppervlak.
Een sub-groep is het 'high transitional' dat tussen circa 1630 en 1650 gemaakt werd, onder andere voor de VOC, die toen een handelsnederzetting op Taiwan bezat en van daaruit porselein voor Nederland en de inter Aziatische handel kocht. De VOC bestelde bovendien heel gericht luxe serviesgoed naar Europese modellen, zoals mosterdpotjes, kandelaars en bierpullen. Ook zoutvaten werden besteld (in 1635 en 1639) conform een aangeleverd houten model. Het uitvoeren van de order ging moeizaam en volgens de VOC bronnen werden er in totaal 323 stuks geleverd (in 1640 en in 1644-1646). Daarnaast zullen particulieren waarschijnlijk zoutvaten besteld hebben. Dit is een zeer zeldzaam voorbeeld van een zoutvat uit die periode. Onder en boven zijn gelijk, hetgeen kan duiden op het gebruik van een onbeschilderd houten model door de pottenbakker. De versiering is geheel volgens de toen heersende overgansstijl, inclusief het kenmerkende bloempje met een breedspreidend blad aan weerszijden dat hier op de plinten geschilderd is.
Publ.: C.J.A. Jörg, 'Een zoutvat van Chinees Overgangsporselein', in: Antiek XXIII-8, maart 1989, pp. 433-6.